skip to Main Content

“IK MIS DE SOCIALE INNOVATIE”

“Waar ik met enige zorg naar kijk, zijn de passages over payrolling. We zijn het er allemaal over eens dat de excessen in payrolling moeten worden aangepakt. De situaties waarin het voor de flexkracht niet duidelijk is wie zijn echte werkgever is, kunnen we niet tolereren. Da moet gewoon transparant en helder zijn voor die flexkracht. Een andere onwenselijke situatie doemt op als payrolling wordt gebruikt om hele personeelsbestanden tegen slechtere arbeidsvoorwaarden over te hevelen naar een payroller. Als dat overigens tegen gelijke of betere voorwaarden is, dan is daar helemaal niets mis mee, laten we die nuance ook maken. Maar als payrolling gebruikt wordt als een manier om goedkoop van je werknemers af te komen, moet dat worden aangepakt. Maar hoe dat moet gebeuren, is niet heel duidelijk. Er zitten ook nog wat tegenstellingen in de plannen, ook in relatie tot de uitzendovereenkomst, daar zullen wij dus als NBBU bovenop zitten. Het liefst zitten we bij de uitwerking aan tafel.”
“Daar staat tegenover dat wij als branchevereniging willen uitdragen wat de goede kanten van payrolling zijn. Want payrolling wordt nu van alles verweten, terwijl er juist ook hele goede kanten aan zitten. Ook als het gaat om het waarborgen van de rechten van de werknemers. Kijk, een kleine MKB-ondernemer kan met de beste wil van de wereld alle wetten en wijzigingen willen volgen, maar de praktijk is nu eenmaal dat hij dagelijks een andere taak heeft, namelijk schilderen, op een bouwplaats werken of ICT-projecten uitvoeren. Dus hij is er gewoon niet toe in staat om elke wet en regel en alle wijzigingen daarin precies bij te houden en te interpreteren. Het gevolg daarvan zou kunnen zijn dat een flexkracht of een werknemer niet precies krijgt waar hij recht op heeft. Daarnaast is het zo dat de kans vrij klein is dat die kleine MKB’er wordt gecontroleerd terwijl een payroller als specialist vrijwel per definitie wordt gecontroleerd. De kans dat een werknemer, een flexkracht ook, precies of zelf meer krijgt waar hij recht op heeft, is bij een payroller veel groter. Als je er zo naar kijkt gaat payrolling verder dan alleen het stukje ontzorgen van de ondernemer.”
“Wat ik eigenlijk een gemiste kans vind, is dat er wel veel over innovatie in het regeerakkoord staat, maar dat er nergens wordt gesproken over sociale innovatie. Het gaat vaak over technologische zaken en dat is allemaal heel belangrijk, maar in feite zitten we in een enorme transitie, een revolutie bijna, wat betreft werk. Je zou daarom verwachten dat er meer aandacht naar sociale innovatie zou uitgaan, naar het ontwikkelen van manieren om mensen voor te bereiden op een arbeidsmarkt die heel snel verandert en andere eisen stelt. Want juist bij dit soort grote veranderingen komen mensen in bepaalde sectoren of beroepen in de situatie dat er in die sector of in dat beroep gewoon geen werk meer is of heel andere eisen worden gesteld. Ook dan speelt de flexbranche een belangrijke rol. Want wij zijn dan degenen die ervoor zorgen dat mensen die twintig jaar op een plek hebben gezeten en zelf eigenlijk niet zo goed wat ze waard zijn, op de arbeidsmarkt toch weer goed terechtkomen. Omdat wij de andere kant, de werkgevers, kunnen laten zien hoe iemand met een cv met twintig jaar administratieve ervaring bij een bank ook op een andere manier van toegevoegde waarde kan zijn. Wij kijken voor de werkgever door zo’n cv heen en laten hem zien wie degene is die voor hem zit en welke kwaliteiten deze persoon meeneemt. Ik schaar die manier van kijken naar mensen en hun competenties onder sociale innovatie. En daarover staat nu weinig in het regeerakkoord. Ik vind dat we daar nadrukkelijker op moeten acteren om te kijken of daar toch meer aandacht voor kan komen in de uitwerking.”
“En dat vind ik niet voor niets: in tien jaar tijd zal ongeveer 50% van de beroepen verdwijnen. Daar komen wel weer 50% nieuwe beroepen bij en we zitten in een fase dat dat heel hard gaat. De vraag is dan: hoe krijgen we die mensen met hun capaciteiten op de juist plek, op een plek waar werk is? We zullen moeten kijken naar omscholing, naar wat voor competenties ze hebben en welk totaal nieuw beroep, waar ze nooit aan gedacht hebben, bij hen past. En omgekeerd of dat beroep voor iemand ook geschikt is. Voor mij had in het regeerakkoord veel meer aandacht uit mogen gaan naar de ontwikkeling van slimme, praktisch eenvoudig uitvoerbare concepten en oplossingen op dit gebied.”
 

Back To Top