skip to Main Content
Op Zijn Retour, Het Slapend Dienstverband

Op zijn retour, het slapend dienstverband

Het slapend dienstverband is een populair onderwerp van de laatste jaren. Vooral onder kleine werkgevers. Toch lijkt het slapend dienstverband op zijn retour.

Wat houdt een slapend dienstverband ook alweer in?

Een werkgever mag de arbeidsovereenkomst van een werknemer die 104 weken ziek is en waarbij geen uitzicht is op herstel binnen 26 weken in beginsel opzeggen.De werkgever vraagt hiervoor toestemming aan het UWV vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid. Indien het UWV toestemming geeft om de arbeidsovereenkomst te beëindigen, maakt de werknemer aanspraak op de wettelijke transitievergoeding. Dit is de reden dat sinds de inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid (WWZ) de werkgever er vaker voor kiest de arbeidsovereenkomst niet op te zeggen. De arbeidsovereenkomst blijft dan bestaan, maar de werkgever hoeft geen salaris te betalen. En is dus ook geen transitievergoeding verschuldigd. Dit staat ook wel bekend als het slapend dienstverband.

Compensatieregeling transitievergoeding?

Aan de ene kant voelt het voor de werk- gever vaak onrechtvaardig dat hij ook een transitievergoeding moet betalen bij een ontslag na twee jaar ziekte. De werk- gever betaalt immers al twee jaar lang minimaal 70 procent van het loon door zonder dat daar de gebruikelijke arbeid tegenover staat. Aan de andere kant vindt de werknemer het oneerlijk dat hij door de constructie van het slapend dienstverband geen recht heeft op de transitievergoeding. De werknemer kan er niets aan doen dat hij ziek wordt. De ontevredenheid aan beide kanten heeft geleid tot de compensatieregeling transitievergoeding.

Vanaf 1 april 2020 kan de werkgever een aanvraag indienen bij het UWV voor het terugkrijgen van de transitievergoeding die hij heeft betaald aan een werknemer die op of na 1 juli 2015 ziek uit dienst is gegaan. De aanvraag voor de transitie- vergoedingen betaald in de periode 1 juli 2015 tot en met 31 maart 2020 (‘oude gevallen’) dient de werkgever uiterlijk op 1 oktober 2020 in te dienen bij het UWV. De aanvragen voor compensatie van transitievergoedingen na 1 april 2020 moeten binnen zes maanden na betaling worden aangevraagd. Het UWV zal bij de inwerkingtreding van de compensatieregeling een aanvraagformulier ter beschikking stellen.

“Na 24 maanden bestaat er geen verplichting meer tot loondoorbetaling”.

Om in aanmerking te komen voor de compensatie gelden de volgende voor- waarden:

  •  De werknemer is ontslagen wegens langdurige ziekte. Daarbij maakt het niet uit of de arbeidsovereenkomst is opgezegd met toestemming van het UWV, via de kantonrechter of is beëindigd door middel van een vaststellingsovereenkomst;
  • De werknemer had op grond van de wet recht op een transitievergoeding;
  • De werkgever heeft de transitievergoeding ook betaald.

Beperkingen voor de hoogte van de compensatie?

De compensatieregeling bevat twee beperkingen voor wat betreft de hoogte van de compensatie die de werkgever krijgt. In de eerste plaats is de vergoeding niet hoger dan het brutoloon dat de werkgever heeft betaald tijdens twee jaar ziekte en in de tweede plaats vindt er geen compensatie plaats voor het gedeelte van de betaalde transitievergoeding dat is opgebouwd na de eerste 24 maanden van de ziekte (lees: gedurende het slapend dienstverband).

De reden hiervoor is dat de compensatie is bedoeld om het cumuleren van loon- en re-integratiekosten tijdens ziekte met de transitievergoeding te voorkomen. Na 24 maanden bestaat er geen loondoorbetalingsverplichting meer, zodat er ook geen sprake meer is van cumulatie. Tot slot wordt ook een eventuele verlengde loondoorbetalingsplicht vanwege een opgelegde loonsanctie evenmin meegenomen in de berekening van de compensatiehoogte.

Back To Top